Real time web analytics, Heat map tracking

 

Peter Bekkering
IJsselstein |
De eerste keer in 1991 leek het er op dat het bij één keer zou blijven. Dat pakte anders uit. vakantie 1991Inmiddels zijn er al 25 keer kinderen uit het Roemeense Sovata voor drie weken naar IJsselstein gehaald. Een boek over de geschiedenis van 25 jaar Stichting Roemeense Kinderhulp wordt vrijdag gepresenteerd tijdens een jubileumavond in het Fulcotheater.

“We zijn er ooit mee begonnen als middel om in IJsselstein mensen te leren kennen,” vertelt Edwin Mentink, met zijn vrouw oprichter en drijvende kracht achter de stichting. Hij herinnert zich nog levendig hun eerste bezoek in het voorjaar van 1991 aan Sovata. “We reden ernaartoe langs wegen vol kuilen en troffen schaarste en armoede. De supermarkt was op een paar blikken bonen na helemaal leeg. Voor een brood moest je einden lopen. Tegelijkertijd werden we ondanks de armoede zό gastvrij ontvangen. Mensen haalden de laatste kruimel voor ons uit de kast.”

Een Roemeense kinderarts kwam met het idee, 42 kinderen naar Nederland te sturen: “Hij zei er ook bij: doe het nu, nu zijn de grenzen nog open. Over een paar jaar kan het waarschijnlijk niet meer. Dat pakte gelukkig anders uit.

Enkele maanden later vond inderdaad het bezoek van de kinderen aan IJsselstein plaats. Mentink: “Ik herinner me hoe verbaasd ze waren toen ze in Nederland een supermarkt bezochten, met al die keuze die ze niet gewend waren.”

Flexibel
Mentink is het niet eens met mensen, die zeggen dat het sneu is dat de kinderen na drie weken weer terug moeten: “Kinderen zijn zo flexibel; bovendien doen ze hier ervaringen op die ze in Sovata kunnen gebruiken. Bijvoorbeeld dat ouders rolmodellen kunnen zijn en met hun kinderen kunnen spelen. Maar ook dat je vriendelijk kunt zijn tegen mensen die je niet kent.”

Hoewel Sovata nog steeds schrijnende armoede kent, ziet Mentink er ook veranderingen. Zoals voor een deel toenemende welvaart. Maar hij ziet ook een andere kant: “Mensen stonden vroeger in Sovata voor elkaar klaar. Nu zijn ze meer op zichzelf gericht. En dat is jammer.”

Over 25 jaar Roemeense Kinderhulp: “Aan de ene kant is het mooi, dat wij dit nog steeds doen, terwijl veel vergelijkbare initiatieven niet meer bestaan. Aan de andere kant is het erg dat het nog steeds nodig is, omdat er nog steeds schrijnende armoede is. Uiteindelijk willen we ons als stichting kunnen opheffen omdat we niet meer nodig zijn.”